Huis van de Wannseeconferentie


 

"Geheime expresbrief" van Eichmann betreffende de "Evacuatie van

Joden" van 31 januari 1942

   

 

[Pagina 1:]

 

 

Reichssicherheitshauptamt                                                                 Berlijn, 31 januari 1942

IV B4 - 2093/42g (391)

 

 

Geheim - Expresbrief.

 

Aan

alle (hoofd)bureaus van de Staatspolizei in het Oude Rijk (incl. Sudetenland),

het hoofdbureau van de Staatspolizei in Wenen,

het centrale bureau voor Joodse emigratie in Wenen.

 

Ter kennis

aan

de inspecteurs van de Sicherheitspolizei en van de SD in het Oude Rijk,

de inspecteur van de Sicherheitspolizei en van de SD in Wenen.

  

Betreft: Evacuatie van Joden.

Referte: Zonder.

 

De evacuatie van Joden naar het oosten, die de voorbije tijd in bepaalde gebieden werd uitgevoerd, betekent het begin van de Endlösung van het Jodenvraagstuk in het Oude Rijk, de Ostmark en in het protectoraat Bohemen en Moravië.

 

Deze evacuatiemaatregelen werden in eerste instantie uitgebreid naar uiterst dringende plannen zodat slechts een deel van de (hoofd)bureaus van de Staatspolizei bij de georganiseerde deelacties, gelet op de beperkte opnamemogelijkheden in het oosten en op de moeilijkheden voor transport, in aanmerking kon worden genomen.

 

 

[Pagina 2:]

 

 

Momenteel worden nieuwe opnamemogelijkheden uitgewerkt met als doel meer contingenten Joden uit het Oude Rijk, de Ostmark en het protectoraat Bohemen en Moravië te evacueren. Een zorgvuldige planning ter voorbereiding van deze verdere evacuatie vereist eerst en vooral een nauwkeurige vaststelling van de Joden die zich nog in het rijksgebied bevinden op basis van de volgende optiek, overeenkomstig de richtlijnen voor evacuatie:

 

In het kader van deze evacuatie-actie kunnen alle Joden worden geregistreerd (§5 van de eerste verordening bij de Rijksburgerwet van 14.11.1935, RGB1 1.9.1935), behalve volgende uitzonderingen:

 

1) Joden uit een Duits-Joods gemengd huwelijk.

 

2) Joden met een buitenlands staatsburgerschap (uitgezonderd staatloze Joden en Joden met een voormalig Pools en Luxemburgs staatsburgerschap).

 

3) Joden die zich in gesloten, voor de oorlogsvoering belangrijke Arbeitseinsatz (gedwongen tewerkstelling) bevinden en waarvoor op dit moment door de bevoegde Rüstungskommanden (Rüstungsinspektion (wapeninspectie)) en door de Landeswirtschaftsleiter (nationale chef van de economie) en de Arbeitsleiter (werkleider) om verdedigings-economische redenen geen toelating voor evacuatie gegeven kan worden. (De daaruit voortvloeiende voorlopige opschortingen moeten echter in overeenstemming met deze instanties tot een aanvaardbaar minimum worden beperkt).

 

4) Joden

         a) ouder dan 65 jaar,

 

 

[Pagina 3:]

 

        

         b) evenals Joden tussen 55 en 65 jaar die erg zwak zijn en daarom niet kunnen worden              getransporteerd.

 

Bij Joodse huwelijken waarbij een partner jonger is dan 65 en de andere ouder dan 65, kunnen beide partners worden geëvacueerd indien de desbetreffende partner niet ouder is dan 67 en een bewijs van een Amtsarzt (arts bij de openbare dienst) voor arbeidsgeschiktheid van die partner kan worden geleverd. Andere uitzonderingen zijn in geen geval toegelaten. (Voor de Joden die omwille van hun leeftijd niet geëvacueerd worden, wordt later een afzonderlijke regeling voorzien.)

 

5) Joodse juridische adviseurs moeten in een passende verhouding tot het aantal oorspronkelijk aanwezige Joden worden geregistreerd.

 

6) Het scheiden van partners evenals het scheiden van kinderen tot 14 jaar van hun ouders moet worden vermeden.

 

Ik verzoek u om onverwijld de nodige vaststellingen in uw gebied te doen en ten laatste tegen 9.2.42 (er kan geen rekening worden gehouden met verzoeken tot een verlenging van deze termijn) mee te delen, samen met een antwoord op volgende vragen:

 

1./ Aantal Joden met Duits staatsburgerschap (inclusief de staatlozen, evenals Joden met voormalig Pools en Luxemburgs staatsburgerschap) zoals bedoeld in de wettelijke bepalingen van het district. (Totaal aantal en verspreiding per plaats.)

 

2./ Aantal Joden dat in Duits-Joodse gemengde huwelijken leeft.

 

3./ Aantal Joden met een buitenlands staatsburgerschap (met uitzondering van Joden met voormalig Pools en Luxemburgs staatsburgerschap).

 

 

[Pagina 4:]

 

 

4./ Aantal Joden met Slovaaks, Kroatisch en Roemeens staatsburgerschap.

 

5./ Aantal Joden in gesloten Arbeitseinsatz die met het oog op het verdedigings-economische belang op dit moment niet voor evacuatie ter beschikking kunnen worden gesteld.

 

6./ Aantal Joden ouder dan 65 jaar.

 

7./ Aantal Joden ouder dan 55 jaar die erg zwak zijn en niet kunnen worden getransporteerd.

 

8./ Totale aantal Joden die voor evacuatie in aanmerking komen, rekening houdend met de hierboven vermelde uitzonderingen. (Verspreiding per plaats.)

 

De laatste stand van dit totale aantal is maatgevend voor de verdere toewijzing van transporttreinen en voor de samenstelling van evacuatietransporten. 

 

Verplicht te melden wanneer dit niet van toepassing is.

 

Een exacte en nauwgezette vaststelling is uitermate belangrijk om vooraf verschuivingen of wijzigingen in het transportprogramma te vermijden.

Andere maatregelen die verder gaan dan deze vaststellingen, mogen tot ontvangst van verdere instructies niet worden genomen.

 

 

[Pagina 5:]

 

 

Toevoeging voor het bureau van de Staatspolizei Frankfurt/Main: het schrijven II B 4 - 2394/41 van
19.01.1942 en II B 5 2434/41 van 20.1.1942 vervallen hiermee.

 

In opdracht:

getekend Eichmann.

 

Bekrachtigd:

                                            Stempel

getekend Scholz

Kanselarijbeambte.

 

Nr. 2505 g/41 II B 4.

 

 

 

 


 
 
homepage